Er zijn restaurants waar je bij binnenkomst meteen begrijpt waarom de naam op de gevel staat. Les Temps des Cerises in Namen is er zo eentje. Veel kersenrood, hier en daar kersmotieven op de muur, en de eigenaar – in Namen vaak Dodo genoemd – doet daar vrolijk aan mee. Het restaurant zit in de oude stad, in een pand dat niet groot is. Tafels staan dicht bij elkaar en dat geeft juist sfeer; je merkt dat hier ook locals komen en niet alleen toeristen binnenzitten.
De bediening is vriendelijk en direct. Je wordt niet overladen met uitleg, maar je krijgt wel aandacht. Dat is prettig, zeker omdat de kaart genoeg gerechten heeft die niet echt alledaags zijn. Als start kreeg ik een klein proeverijtje met soep, een garnaal en nog een paar hapjes. Het zet de toon: dit is een keuken die het vooral moet hebben van klassieke smaken. Daarbij bestelde ik het apéritif maison. Je kunt op je klompen aanvoelen dat daar kersen bij horen. Het is een zoete start: zoete wijn met nog zoetere kersen. Leuk om geprobeerd te hebben, maar als je niet van zoet houdt, kun je beter meteen een glas wijn of een biertje nemen.
Namen staat bekend om slakken, dus als je hier toch zit, kun je dat net zo goed meteen doen. Ik ging voor de Croustade de Gros Gris de Beuzet à la Namuroise. Zacht gestoofde slakken met spek en wortel in een romige saus, met wat vers bladerdeeg erbij. Dat bladerdeeg maakt het gerecht net wat luchtiger en geeft iets om mee te dippen. Daarbij dronk ik een Cuvée du Printemps, een rode wijn die koel werd geserveerd. In eerste instantie voelt dat vreemd, maar bij zo’n romig voorgerecht werkt het juist prima.