Luik, in het Frans Liège, in het Duits Lüttich en door de inwoners zelf Lïdje genoemd, is de hoofdstad van de provincie Luik en met bijna 200.000 inwoners een van de grootste steden van België. Het stedelijk gebied telt circa 600.000 inwoners. De stad ligt op de plek waar de Ourthe in de Maas uitmondt, op het grensgebied van de Ardennen en de Haspengouw, 30 kilometer ten zuiden van Maastricht. De haven van Luik is de derde binnenhaven van Europa. De officiële bijnaam van de stad is Vurige Stede, een naam die teruggaat op een roman van Henri Carton de Wiart en verwijst naar de turbulente geschiedenis van de stad en de smeltkroes van haar industrie.
Luik
Geschiedenis
De naam Luik gaat terug op het Latijnse Leodicum, afgeleid van het Germaanse Leudi, wat zoiets betekent als publiek terrein. De stad is ontstaan rond het graf van de heilige Lambertus, bisschop van Maastricht, die in 705 werd vermoord op een landgoed in het kleine plaatsje Luik. Zijn opvolger Hubertus bracht de relieken terug en bouwde er een kerk; een stad groeide eromheen. Vanaf 980 oefende bisschop Notger, naast zijn geestelijke macht, ook de wereldlijke macht uit over een omvangrijk prinsbisdom. Dat prinsbisdom Luik bleef meer dan acht eeuwen lang een semi-onafhankelijke staat binnen het Heilige Roomse Rijk, met een grondgebied dat grote delen van de huidige provincies Luik en Limburg omvatte.
De geschiedenis van de stad wordt gekenmerkt door hevige conflicten tussen de burgers en hun prinsbisschoppen, waarbij het er soms bloedig aan toe ging. In 1468 liet de Bourgondische hertog Karel de Stoute de stad tuchtigen na een opstand; zijn troepen doodden naar schatting een kwart van de 20.000 inwoners. In 1795 sloopten de burgers tijdens de Franse Revolutie de Sint-Lambertuskathedraal op het centrale plein, het machtscentrum van de prinsbisschoppen.
Welke rivier stroomt door Luik
Door Luik stroomt de Maas. De stad ligt op de plek waar de rivier het heuvelland verlaat, en de kades aan weerszijden horen bij het bekendste beeld van Luik.
Vlak voor de binnenstad komt daar de Ourthe bij, de rivier die uit de Belgische Ardennen komt en langs La Roche-en-Ardenne en Durbuy is gestroomd. De derde naam die vaak valt is de Vesder, en die mondt niet in de Maas maar in de Ourthe uit, bij Chênée aan de zuidoostkant van de stad, 2.600 meter voordat de Ourthe zelf de Maas bereikt.
De Vesder ontspringt in de Eifel bij het Duitse Konzen en legt ongeveer zestig kilometer af langs Eupen, Limbourg, Verviers, Pepinster en Chaudfontaine. Samen met de Amblève, die bij Comblain-au-Pont in de Ourthe stroomt, voeren deze rivieren het water van bijna de hele Belgische Ardennen naar Luik.
In de negentiende eeuw werd Luik een van de grootste industriesteden van Europa. De steenkool- en staalindustrie, de zinknijverheid en de wapenfabrieken, waaronder de beroemde Fabrique Nationale d’Armes de Guerre (FN Herstal, 1889), trokken tienduizenden arbeiders. Halverwege de twintigste eeuw volgde de neergang: tussen 1960 en 1980 verloor de stad twee derde van haar industriële werkgelegenheid. Sindsdien is Luik in een langdurig proces van stedelijke vernieuwing verwikkeld.
Place Saint-Lambert en het Paleis van de Prins-Bisschoppen
Het centrale plein van Luik, de Place Saint-Lambert, is ontstaan op de plek van de afgebroken Sint-Lambertuskathedraal. Onder het plein bevindt zich het Archéoforum, een ondergronds museum dat de resten van de kathedraal en een Romeins woonhuis toont, verlicht door de glazen stenen die in het plein zijn verwerkt. Aan het plein staat het Paleis van de Prins-Bisschoppen, gebouwd als residentie voor bisschop Notger in de tiende eeuw en nadien meerdere keren vergroot en herbouwd. Het binnenplein met zijn renaissancezuilen is vrij toegankelijk; in het gebouw zijn het Paleis van Justitie en het provinciebestuur gevestigd. Van eind november tot eind december staat op dit plein en op de aangrenzende Place du Marché de kerstmarkt van Luik, de oudste en grootste van België.
Montagne de Bueren
De Montagne de Bueren is een trap van 374 treden die in 1881 werd aangelegd als directe verbinding voor soldaten tussen de citadel en het stadscentrum. Ze is vernoemd naar Vincent de Bueren, een historische heer van de stad. Bovenaan de trap opent zich een panorama over de stad en de Maasvallei. De trap leidt naar de heuvelwijken aan de voet van de Citadel, met smalle straatjes en goed onderhouden arbeidershuisjes. De citadel zelf, een oud fort dat door opeenvolgende machtshebbers werd gebouwd, veroverd en herbouwd, herbergt vandaag een ziekenhuis; de omliggende heuvelparken zijn openbaar toegankelijk met meerdere bewegwijzerde wandelroutes.
Grand Curtius
Het Grand Curtius, geopend in 2009, is het grootste historische museum van Luik. Het is gevestigd in het voormalige stadspaleis van Jan Curtius, een rijke wapen- en ijzerkooopman uit het begin van de zeventiende eeuw, in de historische wijk Vurige Stede. Het complex verbindt een reeks historische gebouwen met een moderne structuur. De collectie van 5.200 objecten beslaat zeven millennia geschiedenis van Luik en de regio, verdeeld over afdelingen voor archeologie, Maaslandse kunst, glaswerk, wapens en religieus erfgoed. Een hoogtepunt is het doopvont van Reinier van Hoei (1107-1118), een meesterwerk van de Rijnlands-Maaslandse bronskunst, dat normaal in de Sint-Bartolomeüskerk staat.
Musée des Beaux-Arts en La Boverie
Het Musée des Beaux-Arts de Liège, door de Luikenaren kortweg BAL genoemd, is ontstaan uit de fusie van drie kleinere musea. De collectie omvat werken van Belgische grootmeesters als Félicien Rops en René Magritte, naast werken van Picasso, Chagall, Gauguin en Ensor. In het Parc de la Boverie, langs de Maas, bevindt zich het museum La Boverie, een samenwerking tussen de stad en het Louvre in Parijs, met zowel een permanente collectie als wisselende internationale tentoonstellingen.
Station Luik-Guillemins
Het station Luik-Guillemins, geopend in 2009, is ontworpen door de Spaanse architect Santiago Calatrava. De overkapping van wit staal, glas en beton is 160 meter lang en 35 meter hoog en overspant de perrons als een gebogen schelp. Het station is een halte op de hogesnelheidslijn Brussel-Keulen en een van de grootste architecturale iconen van België.
La Batte en de Luikse wafel
Elke zondagochtend vindt op de Quai de Maestricht langs de Maas de markt La Batte plaats, vijf kilometer lang en een van de oudste en grootste markten van België. De markt trekt kramers uit de hele wereld. De Luikse wafel, ovaal van vorm en gemaakt met parelsuiker die in het deeg wordt verwerkt, is de bekendste culinaire specialiteit van de stad; ze wordt vers en warm gegeten, zonder toevoegingen.
Luik-Bastenaken-Luik
Luik is het startpunt van de wielerklassieker Luik-Bastenaken-Luik, de oudste wielerkoers ter wereld, voor het eerst gereden in 1892. De renners vertrekken op de Place Saint-Lambert en keren na circa 260 kilometer Ardens heuvelwerk terug naar de Quai des Ardennes langs de Maas.
In Luik worden stadswandelingen met een lokale gids aangeboden, waarvan een deel in het Nederlands. Die zijn vooraf online te reserveren.
Overnachten
In het historische centrum van Luik staat Hotel Neuvice, aan de straat En Neuvice die het Place du Marché met de Pont des Arches verbindt en die vroeger bekendstond om haar goudsmeden en drukkers. Het hotel bestaat uit drie achttiende-eeuwse panden die met een houten loopbrug rond een groene binnenpatio aan elkaar zijn geknoopt en heeft twaalf kamers. Het ontbijt is een continentaal buffet met streekproducten, er is een bar en gasten kunnen fietsen huren. Het stadhuis, het Paleis van de Prins-Bisschoppen en de trap van de Montagne de Bueren liggen op loopafstand. De overige hotels in de stad staan op één pagina bij elkaar.