Het Château de Noisy, beter bekend als Château Miranda, was een indrukwekkend neogotisch kasteel net buiten Celles (gemeente Houyet) in de Waalse Ardennen. Het werd tussen 1866 en 1907 gebouwd in opdracht van de adellijke familie Liedekerke-de Beaufort, die was gevlucht uit kasteel Vêves tijdens de Franse Revolutie. Ontworpen door de Engelse architect Edward Milner (vervolgd door de Fransman Pelchner), verrees een kasteeltje met zo’n 500 ramen, spitsbogen, torens en een klokkentoren van 56 meter.
Château de Noisy (Miranda)
Van zomerresidentie naar jeugdherberg
Na voltooiing in 1907 gebruikte de familie het kasteel als zomerverblijf. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het tijdelijk bezet door Duitse troepen en later speelde het terrein een rol in de Slag om de Ardennen (Battle of the Bulge). In 1950 verkocht of verpachtte de familie het aan de NMBS, die het kasteel liet ombouwen tot kinder- en jeugdvakantiecentrum: eerst voor kinderen van spoorwegfamilies, later ook voor zieken en sportkampen tot eind jaren 1970
Jarenlange leegstand en verval
Vanaf 1991 kwam het kasteel leeg te staan. Restauratieplannen mislukten door financiële belemmeringen; hoge kosten en meldwouden stelden potentiële kopers teleur. In 1995 verwoestte brand een deel van het dak. Ook stormschade in 2006 en grootschalige plundering van de ornamenten en vloertegels versnelden de teloorgang.
Een geliefde locatie voor fotografie en documentatie
Door zijn sprookjesachtige uiterlijk en staat van verval werd Château Miranda jarenlang regelmatig bezocht door fotografen, documentairemakers en liefhebbers van urban exploration (urbex). Vooral na de jaren 2000 groeide het kasteel uit tot een van de bekendste urbexlocaties in Europa. De combinatie van neogotische architectuur, ingestorte plafonds, overwoekerde trappen en halfvergane zalen trok talloze bezoekers die het kasteel in beeld wilden vastleggen voordat het voorgoed zou verdwijnen.
Er zijn honderden foto’s en video’s gepubliceerd, waaronder uitgebreide series op urbex-websites, YouTube en sociale media. Ook verschenen er artikelen over het kasteel in Belgische en internationale media, vaak met titels die verwezen naar het “vergeten sprookjeskasteel” of het “verloren erfgoed van Wallonië”. Ondanks deze bekendheid heeft het kasteel voor zover bekend nooit gediend als officiële filmlocatie voor grote internationale producties.
De opkomst van het urbextoerisme zorgde enerzijds voor internationale aandacht, maar anderzijds ook voor een toename van vandalisme en gevaarlijke situaties. Dit droeg uiteindelijk bij aan het besluit om het kasteel te slopen. Wat resteert, zijn foto’s, herinneringen en het historisch besef dat ook ogenschijnlijk onverwoestbare gebouwen vergankelijk zijn zonder bescherming en onderhoud.
Verloren erfgoed
In 2013 vroeg de eigenaar een vergunning aan voor afbraak, hoofdzakelijk om veiligheidsredenen, inzake instortingsgevaar en vandalisme. Ondanks een tijdelijke behoudssamenwerking met Regionaal Erfgoed en lokale actiegroepen, werd de afbraak toegestaan in 2015. Demolering startte oktober 2016 en was in oktober 2017 voltooid, met alleen de fundamenten en bijgebouwen die bleven staan.
Een verwoestende brand in augustus 2017 versnelde het proces. Ondanks meerdere juridische stappen bleef het lot bezegeld, wat resulteerde in de sloop van dit iconische kasteel.
wat is er over
Na de sloop zijn alleen de stallen en funderingen achtergebleven. Vandaag is het terrein afgesloten, bewaakt en verboden terrein, hoewel het groene tracé van de heuvels en het naburige kasteel Vêves nog steeds populair is bij toeristen en wandelaars.