Sluiten

Kraanvogels boven de Ardennen: wanneer je ze hoort overtrekken

Gepubliceerd op 29 september 2026 / Geschreven door Jeroen Eckhardt

In het najaar trekken tienduizenden kraanvogels van Scandinavië en Noord-Duitsland naar het zuidwesten van Europa, en een deel van die route loopt recht over de Ardennen. Je ziet ze niet altijd, maar je hoort ze bijna altijd eerst: een aanhoudend getrompetter hoog in de lucht, waarna je de slierten pas ontdekt als je gericht zoekt. De doortocht boven België concentreert zich in het oosten van het land, in de Oostkantons en de provincie Luxemburg. Wie in de tweede helft van oktober of in november in de Ardennen is, maakt dus een serieuze kans. Hieronder staat wanneer de trek op gang komt, waar je het beste kijkt en waaraan je ze herkent.

Lange slierten kraanvogels in V-formatie tegen een strakblauwe lucht

Wanneer de trek op gang komt

De najaarstrek verloopt in fasen. In augustus verzamelen de vogels zich in Scandinavië, eind september en begin oktober steken ze over naar Noord-Duitsland, en pas daarna begint de tocht naar het zuidwesten. Boven onze streken komt die trek vanaf de tweede of derde week van oktober echt op gang. De piek ligt in de laatste week van oktober en de eerste tien dagen van november. Slaat het weer om, dan kan er eind november of zelfs begin december nog een tweede golf volgen.

Het vertrekmoment hangt af van het weer en van het voedselaanbod op de plek waar de vogels zitten. Een groot deel van de kraanvogels die hier overkomen verzamelt zich eerst in de streek rond Diepholz in Noord-Duitsland, en vertrekt daar in golven. Daardoor zie je zelden een gelijkmatige stroom, maar eerder niets gedurende een week en dan opeens groep na groep op één middag. Wie de kans wil vergroten, kijkt dus niet op één vaste dag, maar houdt een week of twee in de gaten en let op het moment waarop het weer in Duitsland omslaat.

Twee kraanvogels met gestrekte hals en brede vleugels in laag ochtendlicht

Waar je ze in de Ardennen ziet

De trekbaan loopt van Noordoost-Europa naar Zuidwest-Frankrijk en Spanje, en die lijn kruist het oosten van België. In de praktijk betekent dat de Oostkantons en de provincie Luxemburg: boven de Hoge Venen en de hoogvlakte daaromheen, en verder naar het zuiden richting de Gaume en Aarlon. Aan de andere kant van de grens ligt het Lac du Der in de Champagne, de grootste pleisterplaats op deze route. Daar werden in november 2019 zo’n 268.000 kraanvogels geteld. Die route verklaart waarom je in het westen van België vrijwel niets ziet en in het oosten wel.

In de Gaume blijft het niet bij overvliegen. Het natuurreservaat van Breuvanne bij Tintigny, langs de Semois, is een vaste rustplaats op de route. Op 27 december 2020 werden er 650 kraanvogels geteld die er weken bleven en pas begin maart verder trokken. Natagora beheert er ruim honderd hectare en wil het gebied uitbreiden. Wie daar in de winter komt, kan de vogels dus staand op het land zien in plaats van alleen hoog in de lucht.

Honderden kraanvogels op een groen weiland, met een groep die opvliegt en een bomenrij op de achtergrond

Waaraan je ze herkent

Je hoort kraanvogels meestal voordat je ze ziet. Het geluid is een rollend getrompetter dat over een grote afstand draagt en dat weinig lijkt op ganzengegak. Kijk je omhoog, dan zie je lange slierten en losse V-vormen, vaak hoger dan je verwacht. Een kraanvogel vliegt met gestrekte hals en gestrekte poten, en heeft een spanwijdte van twee tot ruim twee meter veertig bij een gewicht van vier tot zes kilo. Die afmetingen maken ze ook op grote hoogte nog herkenbaar.

De foto’s bij dit bericht

De foto’s bij dit bericht zijn niet in de Ardennen gemaakt. Goede beelden van overtrekkende kraanvogels boven de streek zijn zeldzaam, want de vogels vliegen hoog en vaak bij bewolkt weer. De bovenste foto komt uit de Dordogne en toont de voorjaarstrek naar het noorden; het beeld van de slierten is in beide richtingen hetzelfde. De twee vogels van dichtbij en de groep op het veld zijn in oktober in Mecklenburg-Vorpommern gemaakt, een van de Duitse streken waar de vogels zich in het najaar verzamelen voor ze verder trekken.

Foto 1: Père Igor, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons (bewerkt). Foto 2 en 3: Andreas Weith, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons (bewerkt). De bewerkte versies vallen onder dezelfde licentie als de originelen.

Praktisch bij het kijken

  • Beste periode: de laatste week van oktober en de eerste tien dagen van november, met een mogelijke tweede golf eind november.
  • Waar: het oosten van België, dus de Oostkantons en de provincie Luxemburg. In de Gaume rusten ze soms op de grond.
  • Waarop letten: luister eerst. Het getrompetter draagt ver en gaat vrijwel altijd aan het zien vooraf.
  • Live volgen: het European Crane Migration Network houdt de bewegingen langs de hele trekas bij.

Meer over de natuur in de Ardennen

Edelherten in een weide in het wildpark van Han

De hertenbronst

In september en oktober burlen de edelherten in de Ardense bossen. Waar je de meeste kans maakt om het te horen, op welk moment van de dag je moet gaan en hoe je op afstand blijft.

Lees verder
Een modderig bospad met een routepaal in de Ardennen

Het jachtseizoen

Vanaf 1 oktober gaan in de Waalse bossen boswegen dicht voor de jacht. Welke gebieden dat treft, hoe je voor vertrek controleert of jouw route eronder valt en waaraan je de rode en gele borden in het bos herkent.

Lees verder
De natuurstenen kerk van Tintigny met een herfstboom op het plein

Tintigny

Het natuurreservaat van Breuvanne hoort bij de gemeente Tintigny, in de Gaume. Daar streken op 27 december 2020 zeshonderdvijftig kraanvogels neer die tot begin maart bleven. Het dorp ligt aan de Semois, tussen weilanden en vijvers.

Lees verder