Arthur Rimbaud heeft een directe band met de Ardennen via Charleville aan de Maas, het huidige Charleville-Mézières. Hij werd daar geboren, ging er naar school en schreef er een belangrijk deel van zijn vroege werk. Later verlaat hij de stad, reist hij veel en stopt hij al jong met publiceren. Na zijn dood komt hij terug naar de streek via zijn graf in Charleville-Mézières. Wie Rimbaud met de Ardennen verbindt, komt daardoor steeds uit bij dezelfde punten: Charleville als begin, de Maas als vaste lijn in het stadsbeeld, teksten waarin plaatsen uit de stad terugkomen, en de herinneringsplekken die de stad vandaag heeft ingericht.
Arthur Rimbaud en de Ardennen
Gepubliceerd op 19 maart 2026 / Geschreven door Jeroen Eckhardt
Geboren aan de Maas, gevormd in Charleville
Rimbaud werd geboren in 1854 in Charleville. Zijn jeugd speelt zich af in en rond de stad. De Maas is daarbij een herkenbare lijn. De kades, bruggen en het station van Charleville komen terug in Rimbauds vroege werk. Rimbaud ging naar het collège in Charleville en viel daar op door zijn taal- en schrijftalent. In deze jaren schrijft hij veel en ontwikkelt hij de basis van zijn latere reputatie.
Charleville-Mézières heeft die band met de stad concreet gemaakt met een reeks plekken die je kunt bezoeken. Het gaat om adressen die aan zijn jeugd en aan zijn teksten worden gekoppeld, aangevuld met musea die zijn leven en werk toelichten.
De Ardennen in zijn gedichten
Rimbaud verbindt zijn werk niet aan “de Ardennen” als streeknaam, maar aan plaatsen die hij kende. À la musique is daarbij een duidelijk voorbeeld. Het gedicht verwijst naar Place de la Gare in Charleville en beschrijft een scène op en rond het plein. Daarmee is het een tekst waarin Charleville zelf als locatie aanwezig is.
Een tweede tekst die vaak in verband wordt gebracht met deze streek is Le Dormeur du val. Het gedicht wordt doorgaans gelezen in de context van de oorlog van 1870 en de gevechten in de regio rond Sedan en langs de Maas. De tekst beschrijft een vallei en eindigt met de vaststelling dat de soldaat die daar ligt, dood is. De Ardennen-link zit hier vooral in de oorlogsomstandigheden van 1870 in deze regio en in het landschapstype dat bij de Maasvallei en de Ardense rand hoort.
Weggaan, terugkeren, opnieuw vertrekken
Rimbaud vertrekt al jong meerdere keren uit Charleville. In 1870 komt hij in Douai terecht en laat hij gedichten achter bij Paul Demeny. Die teksten worden later bekend als de Cahiers de Douai. In dezelfde periode zoekt hij steeds weer aansluiting bij Parijs. Charleville blijft ondertussen de plek waar zijn familie woont en waar hij tussendoor terugkeert. Na zijn ontmoeting met Paul Verlaine verschuift zijn leven naar Parijs en vervolgens naar reizen in België en Engeland. In 1873 schiet Verlaine in Brussel op Rimbaud. Verlaine wordt daarna gevangen gezet. In deze jaren schrijft Rimbaud Une saison en enfer. Kort daarna stopt hij met het schrijven van poëzie.
Na zijn literaire periode kiest Rimbaud voor werk en reizen. Hij verblijft en werkt later onder meer in Aden en Harar. Dit deel van zijn leven speelt zich buiten de Ardennen af. Rimbaud overlijdt in 1891 in Marseille. Hij wordt begraven in Charleville-Mézières. Dit graf kun je als bezoeker opnemen in dezelfde wandelroute als het museum en het ouderlijk huis.
Rimbaud in Charleville-Mézières
Charleville-Mézières heeft meerdere plekken die direct aan Rimbaud zijn gekoppeld. Het Musée Arthur Rimbaud ligt aan de Maas in een voormalige watermolen. Het museum werkt met documenten, edities, beeldmateriaal en persoonlijke objecten. Op loopafstand ligt de Maison des Ailleurs, in het huis waar Rimbaud in zijn jeugd woonde. Daar ligt de nadruk op de plaatsen waar hij later verbleef. Daarnaast bestaat er een Rimbaud-parcours door de stad dat locaties met elkaar verbindt die aan zijn jeugd en vroege teksten worden gekoppeld, waaronder het gebied rond het station.